Hoe we onze doelen willen bereiken 

Het kind, de leerling

Kinderen kunnen goed aangeven wat willen leren, hoe ze zich willen gedragen en hoe ze denken dat dit gaat lukken. Elk kind heeft behoefte om grip te hebben op de eigen ontwikkeling en wil zich daar zelf verantwoordelijk voor voelen. De leraar staat in relatie tot het kind, de leerling. In deze relatie gaat het om de interactie. In het onderwijs op de Gouwaert nodigt de leraar het kind, de leerling uit om de instructie te volgen op de momenten dat de instructies en de interactie is ingeroosterd. De leerling volgt en bepaalt zelf de manier, plaats en tijd van het leren tijdens zelfstandig werken.

Hoe organiseren wij het onderwijs

De leerstof

Het leerstofaanbod, onze aanpak, methodes en middelen staat beschreven in onderstaande tabel* en voldoet aan de eerdere kerndoelen zoals beschreven in artikel 9 van de Wet op het primair onderwijs. Deze eerdere kerndoelen hebben slechts een aanbodverplichting. Sinds 2010 is de wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen van kracht. De nieuwe referentieniveaus hebben een opbrengstverplichting: de kinderen moeten de beschreven kennis en vaardigeden dus echt beheersen. De referentieniveaus zijn vastgesteld om de prestaties van kinderen op het gebied van taal en rekenen te verhogen. Tegelijk geven deze aan wat kinderen in verschillende fasen van hun schoolloopbaan moeten kunnen en kennen. Daarnaast zorgen de referentieniveaus voor een betere aansluiting van het PO op het VO. Voor rekenen, lezen en taalverzorging streven we naar het behalen van het fundamentele niveau 1F voor al onze kinderen. Voor de niveaus 2F (lezen en taalverzorging) en 1S (rekenen) stellen wij op basis van de schoolrapportages van ParnasSys van de afgelopen drie jaar, realistische doelen vast rondom het behalen van 2F en 1S.

Het lesrooster

Het lesrooster is door de leraar gemaakt. In de ochtend werken de kinderen aan de kernvakken: lezen, taal, rekenen, spelling. In de middag wordt er groepsdoorbrekend gewerkt aan de wereld oriënterende vakken. Bij de kernvakken is de methode de leidraad. De leraar biedt de kernvakken aan in kleine groepsinstructies op het niveau waarop kinderen zijn ingedeeld. De leraar zorgt ervoor dat zij de kinderen nauwgezet volgen in het leerproces, zodat de groepssamenstelling van de instructiegroep continu wordt afgewogen naar pedagogische en didactische behoefte van het kind, de leerling. Binnen het rooster is er ruimte voor het kind, de leerling om het eigen leerproces te bepalen.

De instructie

Met het aantal kinderen in de samengestelde groepen 1/2, 3/4/5 en 6/7/8 wordt er grotendeels klassikaal gewerkt in de ochtenden aan de kernvakken. Dat wil zeggen, dat de kinderen in de leerjaargroep tegelijkertijd een instructie krijgen voor een bepaald vakgebied. De leraren werken met een rooster met daarop de vertrouwde vakken en geven daarmee aan wanneer de instructies plaatsvinden. Soms zijn er ook instructies voor vakgebieden die de samengestelde groep tegelijk krijgt, net zoals er afgewisseld wordt met de individuele instructies en instructies aan kleine groepjes kinderen.

Zicht op ontwikkeling

De kinderen van de Gouwaert worden individueel en op groep-schoolniveau gevolgd in hun groei- en ontwikkelingslijn. Door middel van observeren en registreren weten leraren welke aanpak past bij welke leerling en stemmen zij af op de onderwijsbehoeften. De observaties, de toets resultaten en (start) gesprekken met kinderen en ouders worden hierbij gebruikt. In een vast ritme worden de tussenopbrengsten van de kinderen besproken tussen de leraren in de bouw en samen met de intern begeleider en schoolleider.

Leerlingenzorg en differentiatie

De individuele leerlingenzorg kan binnen of buiten de klas plaatsvinden. De differentiatie is op basis van de pedagogische en didactische behoefte van het kind vastgesteld. De leraar maakt gebruik van de mogelijkheid om de differentiatie toe te passen in de didactische stappen (mediërend leren vanuit de cognitieve leertheorie) of via tempo of via meer of minder lesstof aan te bieden. De leraar kan ook besluiten de differentiatie aan te passen door meer te richten op de individuele ontwikkelingslijn van het kind door af te stemmen op de didactische leerlijn. Het kind krijgt dan de mogelijkheid tot meer persoonlijke begeleiding van de leraar.

De rol van de voorbereide leeromgeving

Het gebouw en de voorzieningen bestaat uit klaslokalen met /en ruimten voor het inrichten van hoeken en andere werkplekken (stilteplekken, ontdek- en  onderzoekplekken) in de klas. Beperkt zijn de plekken of voorzieningen op de gangen en in de gemeenschappelijke ruimte, omdat het gebouw daar niet op ingericht is en de bibliotheek een groot deel van de gemeenschappelijke ruimte inneemt.

Hoe werkt het team

De leerkracht bepaalt wat de kinderen doen. Op bepaalde momenten vinden er gezamenlijke groepsoverstijgende activiteiten plaats. Deze activiteiten zijn gericht op het thematisch werken dat in de middagen wordt aangeboden. De leraren verzorgen elk een ander aanbod en delen de verantwoordelijkheid voor het onderwijs aan de kinderen.

Hoe evalueren wij ons onderwijs

De leerkracht beoordeelt het gedrag en de prestaties van ieder kind. De beoordeling vindt plaats aan de hand van observaties, gesprekken en het afnemen van toetsen. De kinderen werken toe naar een van te voren vastgelegd resultaat (ontwikkelingsdoelen per kind en doelen uit de leerlijn per vakgebied). De school gebruikt methode gebonden toetsen en landelijk genormeerde toetsen om de resultaten vast te leggen.

Het verslag/rapport van het kind uit groep ½ bestaat uit een rapportage uit het kindvolgsysteem KIJK. In deze rapportage wordt de ontwikkelingslijn naast de leerlijnen voor het jonge kind gelegd. De ouders krijgen hierdoor inzage in de ontwikkelingssprongen van het kind. Deze ontwikkelingssprongen worden met de ouders op vaste momenten in het schooljaar besproken door de leraar.

In de groepen ¾ en 5 t/m 8 zijn er op dit moment twee soorten van verslaglegging. De bedoeling is om te komen tot één visiegerichte vorm waarbij ‘weten en doen, samen en persoonsvorming’ in beeld wordt gebracht. Ten aanzien van ‘Weten en Doen’ worden kinderen gevolgd via het summatieve kindvolgsysteem Parnassys en CITO. Het gaat hierbij om de prestaties van rekenen, lezen en taal.

Ten aanzien van ‘Samen en Persoonsvorm’ zullen de kinderen samen met de leraar op een formatieve wijze beschrijven hoe ze naar hun eigen ontwikkeling kijken met betrekking tot de vaardigheden die ze leren en hoe ze daarbij hun eigen werk beoordelen. In de verslaglegging zal er ook gebruik gemaakt worden om kinderen zelf hun werk te selecteren waarbij ze aantonen dat wat ze geleerd hebben ook zichtbaar en tastbaar wordt.

De ouders en de omgeving

Ouders leven mee met het kind en zijn ook vaak betrokken bij de eigen groep waar het kind zit. Ouders worden geïnformeerd via Schoudercom voor ouder- en thema-avonden, rapportgesprekken en gesprekken om mee te denken als er vragen zijn over hun kind. Ouders helpen mee bij verschillende activiteiten via de ouderraad. Buiten de verplichte MR-aangelegenheid worden ouders niet betrokken bij beleidsbeslissingen.

Nederlandse taal

Methodiek:

  • Taal op Maat
  • Spelling op Maat
  • Nieuwsbegrip

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Methodetoetsen
  • Cito voor begrijpend lezen 3.0
  • Cito spelling 3.0
  • Leesontwikkeling AVI en DMT
  • Observaties en gesprekken met kinderen
Rekenen en wiskunde

Methodiek:

  • Wereld in Getallen (4)

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Methodetoetsen
  • Cito rekenen 3.0
  • Observaties en gesprekken met kinderen
Engelse taal

Methodiek:

  • Groove me

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Methodetoetsen
  • Observaties en gesprekken met kinderen
Wereldoriëntatie

Methodiek:

  • Blink
  • Wijzer

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Presentaties kinderen projecten (formatieve evaluatie)
  • Observaties en gesprekken met kinderen
Bevorderen actief burgerschap en sociale integratie, overdragen kennis over en kennismaking met de diversiteit van de samenleving

Methodiek:

  • Rots en water
  • Kwink

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Observaties en gesprekken met kinderen
Kunstzinnige en culturele vorming

Methodiek:

  • Uit de Kunst

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Observaties en gesprekken met kinderen
Schoolveiligheid, welbevinden van kinderen

Methodiek:

  • Zien
  • Kijk
  • Parnassys

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Vragenlijsten
  • Observaties en gesprekken met kinderen
Bevordering sociale redzaamheid, waaronder gedrag in het verkeer

Methodiek:

  • VVN Verkeerslessen
  • School op Seef

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Methodetoetsen
  • Observaties en gesprekken met kinderen
  • Verkeersexamen groep 7
Zintuiglijke en lichamelijke oefening

Methodiek:

  • Bewegen in de Basisschool

Informatie verzamelen over ontwikkelingslijnen van kinderen:

  • Observaties en gesprekken met kinderen